Balans met toelichting JS18

Balans debet

Balans debet
Omschrijving boekwaarde boekwaarde
ACTIVA per 31-12-2018 per 31-12-2017
Immateriële vaste activa
  -Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en saldo agio/disagio 0 0
  -Kosten van onderzoek en ontwikkeling 184.311 231.996
  -Bijdragen aan activa in eigendom derden 52.565 54.068
236.876 286.064
Materiële vaste activa
  -Met economisch nut
  -Gronden en terreinen 1.772.184 1.732.087
  -Woonruimten 318.391 419.810
  -Bedrijfsgebouwen 25.458.366 25.337.103
  -Grond-/weg-/waterbouwkundige werken 2.011.302 1.606.612
  -Investeringen (waarvoor ter bestrijding van kosten een heffing kan worden geheven) 15.551.915 15.668.074
  -Vervoermiddelen 182.223 170.116
  -Machines, apparaten en installaties 289.173 213.182
  -Overige materiële vaste activa 184.874 125.309
45.768.428 45.272.293
-In de openbare ruimte met maatschappelijk nut
  -Gronden en terreinen 45.271 0
  -Woonruimten 0 0
  -Bedrijfsgebouwen 24.112 0
  -Grond-/weg-/waterbouwkundige werken 1.756.633 1.565.265
  -Vervoermiddelen 0 0
  -Machines, apparaten en installaties 0 0
  -Overige materiële vaste activa 0 0
1.826.016 1.565.265
Totaal materiële vaste activa 47.594.444 46.837.558
Financiële vaste activa
  -Deelnemingen 809.410 809.410
  -Overige langlopende leningen 456.611 608.812
Totaal financiële activa 1.266.021 1.418.222
TOTAAL VASTE ACTIVA 49.097.341 48.541.844
Voorraden
  -Onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie 2.148.382 2.142.899
2.148.382 2.142.899
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
  -Vorderingen op openbare lichamen 3.504.298 3.855.694
  -Verstrekte kasgeldleningen 0 0
  -Schatkistbankieren 18.356.573 16.262.028
  -Overige vorderingen 1.150.363 2.159.468
23.011.234 22.277.190
Liquide middelen
  -Kas 2.854 3.767
  -Bank 280.320 79.588
283.174 83.355
Overlopende activa
  -Nog te ontvangen voorschotten spec doeluitkeringen Europese overheidslichamen 0 0
  -Nog te ontvangen voorschotten spec doeluitkeringen Rijk 0 0
  -Nog te ontvangen voorschotten spec doeluitkeringen ov Ned overheidslichamen 0 0
  -Nog te verhalen 1.972.049 2.816.421
  -Overige vooruitbetaald 527.551 217.870
  -Ov. transitorische/anticipatieposten 203.504 59.580
2.703.104 3.093.871
TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA 28.145.894 27.597.315
Totaal activa 77.243.235 76.139.159

Balans credit

Balans credit
Omschrijving boekwaarde boekwaarde
PASSIVA per 31-12-2018 per 31-12-2017
Eigen vermogen
Algemene reserves
  -Algemene reserve 20.693.880 16.266.065
  -Algemene reserve grondexploitatie
  -Reserve gereal. opslag gr. werken grondexploitatie
20.693.880 16.266.065
Bestemmingsreserves
  -Bestemmingsreserves 17.921.855 16.809.723
Saldo van rekening
  -Gerealiseerd resultaat 3.665.005 6.097.792
Totaal eigen vermogen 42.280.740 39.173.580
Voorzieningen
  -Voorzieningen 18.785.759 18.347.460
Vaste schulden, met een rentetypische looptijd van één jaar en langer
Onderhandse leningen
  -Binnenlandse banken en overige financiële instellingen 10.396.308 11.241.128
Waarborgsommen 15.242 15.162
10.411.550 11.256.290
TOTAAL VASTE PASSIVA 71.478.049 68.777.330
Netto-vlottende schulden, met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
  -Bank 0 0
  -Kasgeldleningen 0 0
  -Overige schulden 3.629.398 3.905.903
3.629.398 3.905.903
Overlopende passiva
  -Vooruitontvangen specifieke doeluitkeringen Europese overheidslichamen 0 0
  -Vooruitontvangen specifieke doeluitkeringen Rijk 47.964 53.999
  -Vooruitontvangen specifieke doeluitkeringen ov Ned overheidslichamen 506.019 710.044
  -Nog te betalen 475.935 1.095.208
  -Overige vooruitontvangen 407.254 316.196
  -Ov. transitorische/anticipatieposten 698.616 1.280.479
2.135.788 3.455.926
TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA 5.765.186 7.361.829
Totaal passiva 77.243.235 76.139.159
Totaalbedrag waartoe aan natuurlijke en rechtspersonen borgstellingen zijn verstrekt 95.131.700 97.499.500

Toelichting balans

VASTE ACTIVA

De waardering van de vaste activa geschiedt op basis van historische kostprijs (aanschafwaarde exclusief BTW), waarbij duurzame waardevermindering onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking wordt genomen. De vaste activa zijn uitgesplitst in een drietal componenten te weten: immateriële, materiële en financiële activa.

De betekenis van materiële en financiële activa spreekt voor zich. Het begrip "immateriële" activa is minder gemakkelijk te definiëren. Immateriële vaste activa zijn de activa die, in tegenstelling tot de materiële vaste activa, niet stoffelijk (niet tastbaar) en, in tegenstelling tot de financiële vaste activa, niet financieel van aard zijn. De kosten van onderzoek en ontwikkeling zijn een voorbeeld van immateriële vaste activa.

Onder de immateriële activa zijn o.a. bijdragen in de restauratiekosten van enkele monumenten en onderzoekskosten (o.a. voor het regionaal bedrijventerrein) geboekt, waarbij bijdragen aan activa van derden worden geactiveerd indien de daadwerkelijke investering bijdraagt aan de publieke taak.

De materiële activa zijn in de balans uitgesplitst in investeringen met een economisch nut en investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut.

Investeringen met een economisch nut zijn investeringen, die verhandelbaar zijn of waar de gemeente inkomsten mee kan genereren (bv heffing rioolrechten). Indien een investering niet voldoet aan bovenstaande criteria dan betreft het een investering met een maatschappelijk nut (bv wegen).

Investeringen moeten worden geactiveerd.

Naast deze uitsplitsing vallen de materiële activa uiteen in een aantal onderdelen te weten: gronden en terreinen, woonruimten, bedrijfsgebouwen, grond-/weg-/waterbouwkundige werken, vervoermiddelen, machines, apparaten en installaties en overige. Deze uitsplitsing is voorgeschreven en is met name bedoeld voor de rapportages aan het CBS. In 2014 is er vanuit de BBV een nieuwe categorie toegevoegd voor investeringen waarvoor ter dekking van de kosten een heffing kan worden geheven.

Ten aanzien van de afschrijvingen worden de volgende uitgangspunten gehanteerd:

  • In principe wordt lineair afgeschreven; annuïtair afschrijven wordt beschouwd als een afwijking van de standaard en moet te allen tijde expliciet gemotiveerd worden.
  • Immateriële vaste activa worden afgeschreven in maximaal 5 jaar, of maximaal gelijk aan de looptijd van de lening, of maximaal gelijk aan die van de activa waarvoor de bijdrage aan derden wordt verstrekt.
  • (Materiële) investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut moeten door een wijziging in de BBV vanaf 2017 worden geactiveerd.
Voor investeringen met een economisch nut gelden de volgende afschrijvingstermijnen: jaren
Gebouwen (exclusief grond)
- permanent: nieuwbouw/verbouw 40
- semi-permanent (noodlokalen) 15
Installaties (o.a. cv.)  15
Meubilair/inventaris gebouwen 20
Onderwijsleerpakket  10
Brandveiligheidsvoorz./inbraak- en brandbeveiliging 15
Gymmateriaal 25
Vervoermiddelen  8
Overig materieel beheer en uitvoering 5
Kantoorapparatuur
- computerapparatuur/hardware 3
- software 5
- bekabeling netwerk  10
Rioleringen Conform GRP
Op gronden wordt niet afgeschreven

 Het verloop van de vaste activa is als volgt:

Immateriële vaste activa Boekwaarde  1-1-2018 Investeringen Des-investeringen Afschrijvingen Bijdragen van derden Afwaarderingen Boekwaarde 31-12-2018
Kosten verbonden aan het sluiten van geldleningen en het saldo van agio/disagio 0 0 0 0 0 0 0
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 231.996 226.453 0 114.073 160.066 0 184.311
Bijdragen aan activa in eigendom van derden 54.068 0 0 1.503 0 0 52.565
Totaal 286.064 226.453 0 115.576 160.066 0 236.876

Materiële vaste activa met economisch nut Boekwaarde 1-1-17 Investeringen Des-investeringen Afschrijvingen Bijdragen van derden Afwaarderingen Boekwaarde 31-12-178
Investeringen met economisch nut
Gronden en terreinen 1.732.087 71.093 0 30.996 0 0 1.772.184
Woonruimten 419.810 -44.154 0 57.265 0 0 318.391
Bedrijfsgebouwen 25.337.103 1.084.431 0 963.168 0 0 25.458.366
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken 1.606.612 954.531 0 58.883 490.959 0 2.011.302
Investeringen (waarvoor ter bestrijding van kosten een heffing kan worden geheven) 15.668.074 346.923 0 462.953 129 0 15.551.915
Vervoermiddelen 170.116 29.248 0 17.141 0 0 182.223
Machines, apparaten en installaties 213.182 142.943 0 42.165 24.786 0 289.173
Overige materiële vaste activa 125.309 199.508 0 139.943 0 0 184.874
Totaal investeringen met econ. nut 45.272.293 2.784.523 0 1.772.514 515.874 0 45.768.428

Materiële vaste activa met maatschappelijk nut Boekwaarde 1-1-18 Investeringen Des-investeringen Afschrijvingen Bijdragen van derden/ Afwaarderingen Boekwaarde 31-12-18
Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut  €
Gronden en terreinen 0 255.531 0 6.229 204.031 0 45.271
Woonruimten 0 0 0 0 0 0 0
Bedrijfsgebouwen 0 24.730 0 618 0 0 24.112
Grond-, weg- en waterbouwkundige werken 1.565.265 322.814 0 68.064 63.382 0 1.756.633
Vervoermiddelen 0 0 0 0 0 0 0
Machines, apparaten en installaties 0 0 0 0 0 0 0
Overige materiële vaste activa 0 19.017 0 1.825 17.192 0 0
Totaal investeringen met maatschappelijk nut 1.565.265 622.092 0 76.736 284.605 0 1.826.016

Financiële vaste activa

De financiële activa vallen uiteen in 2 onderdelen: deelnemingen en verstrekte langlopende leningen.

Boekwaarde 31 dec 2018 Investeringen Des-investeringen Afschrijving/ aflossing Waarde vermindering Boekwaarde 31-12-18
Kapitaalverstrekkingen
Deelnemingen 809.410 0 0 0 0 809.410
Gemeenschappelijke regelingen 0 0 0 0 0 0
Overige verbonden partijen 0 0 0 0 0 0
Totaal kapitaalverstrekkingen 809.410 0 0 0 0 809.410
Leningen
Openbare lichamen 0 0 0 0 0 0
Woningbouw corporaties 0 0 0 0 0 0
Deelnemingen 0 0 0 0 0 0
Overige verbonden partijen 286.642 0 0 95.548 0 191.095
Overige langlopende leningen 322.169 0 0 56.653 0 265.516
Totaal leningen U/G 608.811 0 0 152.201 0 456.611
Totaal financiële vaste activa 1.418.222 0 0 152.201 0 1.266.021

Voorraden

Onder voorraden is de boekwaarde van het onderhanden werk van de bouwgrondexploitatie verantwoord.

Boekwaarde 1 jan 2018 Vermeer- deringen Vermin-deringen Winst-uitname Boekwaarde 31 dec 2018 Voor-ziening verlies-latend complex Balans-waarde 31 dec 2018
Bouwgronden in exploitatie
Meerheide III 701.904 71.878 216.974 250.000 806.808 0 806.808
Steensel-Noord 368.924 123.037 179.425 0 312.536 474.160 -161.624
Duizel-Noord 2.418.855 201.511 273.578 0 2.346.788 753.521 1.593.267
Koemeersdijk 1.990.281 633.667 225.789 0 2.398.160 1.660.764 737.396
Rosheuvel II -654.125 9.543 2.542 0 -647.123 54.480 -701.603
Dorpshart Knegsel 591.339 40.782 6.432 0 625.689 760.168 -134.479
Boterbogten 517.181 113.965 351.318 60.000 339.828 0 339.828
De Poelenloop -275.364 46.456 283.429 160.000 -352.338 0 -352.338
Eersel-West 0 21.127 0 0 21.127 0 21.127
5.658.995 1.261.966 1.539.487 470.000 5.851.475 3.703.093 2.148.382
Grond zonder transformatie
Kavel Kerkebogten 35.188 0 35.188 0 0 0 0
Totaal onderhanden werk  5.694.183 1.261.966 1.574.675 470.000 5.851.475 3.703.093 2.148.382

Complex: Boekwaarde per 31-12-18(-is batig saldo) Geraamde nog te maken kosten Geraamde nog te realiseren opbrengsten Verwachte beschik. over voorziening verlieslatend complex Verwacht resultaat resterende periode (nominale w.) Verwacht resultaat resterende periode (contante w.)
Meerheide III 806.808 697.689 3.204.506 0 1.700.009 1.642.473
Steensel N 312.536 180.780 0 493.316 0 0
Duizel NO 2.346.788 1.527.267 3.042.107 831.948 0 0
Koemeersdijk 2.398.160 568.002 1.203.746 1.762.416 0 0
Rosheuvel II -647.123 704.938 0 57.815 0 0
Dorpshart Knegsel 625.689 307.907 126.900 806.696 0 0
Boterbogten 339.828 389.796 1.110.690 0 381.066 365.528
Poelenloop -352.338 214.283 0 0 138.055 135.001
Eersel-West 21.127 429.669 452.200 0 1.404 1.323
Totaal 5.851.475 5.020.331 9.140.149 3.952.191 2.220.534 2.144.325

Nadere toelichting op bovenstaande tabel: 

Parameter Gehanteerd 
Inflatiecorrectie De civieltechnische kosten geraamd op het prijspeil 2019. Voor een actuele doorkijk gaan we uit van een bedrijfseconomische benadering en is vanaf 2020 rekening gehouden met een inflatiecorrectie van 1,5% voor zowel de civieltechnische uitgaven als inkomsten.
Rente Voor 2018 bedraagt de rente 1,983% van de boekwaarde.
Voor toekomstige boekwaarden als gevolg van nog te maken kosten en te verwachten opbrengsten wordt een gemiddelde rente vreemd vermogen gehanteerd van 1,983%.
Fasering Er is rekening gehouden met een reële fasering in tijd op basis van de woningbouwbehoefte per kern gebaseerd op migratiesaldo 0.
Resultaat Gebaseerd op eindwaarde.
Kosten Alle kosten zijn gebaseerd op geactualiseerde kostenramingen per februari 2019 met als prijspeil 1-1-2019. Voor het bepalen van de kosten in de grondexploitatie zijn er door de vakafdeling kostenramingen gemaakt. Deze kostenramingen zijn gebaseerd op de hoeveelheden die voortvloeien uit inrichtingstekeningen behorende bij de desbetreffende grondexploitatie of op basis van daadwerkelijk aanbesteding. De fasering van de werkzaamheden en de kosten in de verschillende jaarschijven zijn gekoppeld aan de verwachte uitgifte van grond per fase.
Opbrengsten gronduitgifte Ten aanzien van de geraamde nog te realiseren opbrengsten heeft het college de volgende uitgangspunten gehanteerd:
De basisgrondprijzen worden jaarlijks door het college vastgesteld op basis van een deskundigenadvies.
De uitgifte in de verschillende jaarschijven vloeien voort uit het woningbouwprogramma welke door het college is vastgesteld. Hierbij wordt ook rekening gehouden met afspraken welke voortvloeien uit uitgiftecontracten.
Bij kavels groter dan 500 m2 dan wel 750 m² (afhankelijk van bouwmogelijkheden) wordt rekening gehouden met grondopbrengsten van 50% op de basisgrondprijs.
Opbrengsten bedrijventerrein Voor de opbrengst van de gronden voor het bedrijventerrein Meerheide wordt een grondprijs aangehouden van € 165,-- per m2. De gronden gelegen onder de hoogspanningsmast hebben zeer beperkte gebruiksmogelijkheden. Voor deze gronden worden aangepaste grondprijzen gehanteerd afhankelijk van de exacte ligging.
Disconteringsvoet De disconteringsvoet die is gehanteerd in de berekening van de contante waarde ten behoeve van het treffen van een verliesvoorziening voor negatieve grondexploitaties is voor alle gemeenten gelijk gesteld aan het maximale meerjarig streefpercentage van het Europese Centrale Bank voor de inflatie binnen de Eurozone (voor 2018: 2,0%).

Uitzettingen

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Boekwaarde 31 dec 17 Stand 31 dec 18 Voorziening oninbaarheid Boekwaarde 31 dec 18
Vorderingen op openbare lichamen 3.855.694 3.504.298 0 3.504.298
Verstrekte kasgeldleningen aan openbare lichamen als bedoeld in artikel 1, onderdeel a, van de Wet fido 0 0 0 0
Overige verstrekte kasgeldleningen 0 0 0 0
Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 16.262.028 18.356.573 0 18.356.573
Rekening-courantverhouding met het Rijk 0 0 0 0
Rekening-courantverhoudingen met niet- financiële instellingen 0 0 0 0
Uitzettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 0 0 0 0
Overige vorderingen 2.159.468 1.329.560 179.197 1.150.363
Overige uitzettingen 0 0 0 0
Totaal uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 22.277.190 23.190.431 179.197 23.011.234

 De uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt statisch bepaald.

Het saldo van de kortlopende vorderingen is altijd vrij hoog. Dit komt doordat inkomsten, welke nog betrekking hebben op 2018, maar waarvan de bescheiden in 2019 zijn ontvangen, via de subadministratie "debiteuren" nog in 2018 zijn verantwoord. De financiële afwikkeling gebeurt echter in 2019. De belangrijkste openstaande vordering betreft de aangifte inzake het BTW compensatiefonds. De financiële afwikkeling door de belastingdienst - een ontvangen gering voorschot buiten beschouwing gelaten - vindt pas medio van het jaar, volgend op het verslagjaar plaats. Ten aanzien van de aangifte over 2018 staat nog een totaalbedrag “open” van € 2.253.866,00. Het restant van de ontvangen Ruimte voor Ruimte gelden ten behoeve van de Hoogstraat staat open voor een totaalbedrag van € 187.500,--.

In principe dienen alle overtollige middelen in de schatkist te worden aangehouden. Er zijn echter een aantal uitzonderingen. Eén daarvan is het drempelbedrag[1].  Dit is een minimumbedrag (afhankelijk van de omvang van de decentrale overheid) dat gemiddeld per kwartaal buiten de schatkist mag worden gehouden. Voor de gemeente Eersel is dat voor 2018 € 346.000,--.
Het drempelbedrag is bedoeld om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen: niet elke laatste euro hoeft in de schatkist te worden aangehouden. In principe hoeven dus alleen de liquide middelen die boven het drempelbedrag uitgaan in de schatkist te worden aangehouden. In 2018 hebben geen overschrijdingen plaats gevonden van het drempelbedrag. In onderstaande tabel is te zien wat de benutting van het drempelbedrag schatkistbankieren gedurende de vier kwartalen 2018 is geweest:


[1]     De drempel is gelijk aan 0,75% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan € 500 miljoen. Indien het begrotingstotaal hoger is dan € 500 miljoen is de drempel gelijk aan € 3,75 miljoen plus 0,2% van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. De drempel is nooit lager dan € 250.000.

 

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000)
Verslagjaar
-1 Drempelbedrag 346
Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
-2 Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 117 152 140 142
(3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag 230 194 207 204
(3b) = (2) > (1) Overschrijding van het drempelbedrag                -                  -                  -                  -   
(1) Berekening drempelbedrag
Verslagjaar
(4a) Begrotingstotaal verslagjaar 46.181
(4b) Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen 46.181
(4c) Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat                -   
(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een minimum van €250.000 Drempelbedrag 346
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
(5a) Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) 10.495 13.847 12.850 13.058
(5b) Dagen in het kwartaal 90 91 92 92
(2) - (5a) / (5b) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 117 152 140 142

Liquide middelen

De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. De post liquide middelen wordt onderscheiden in:

Boekwaarde 31 december 2017 Boekwaarde 31 december 2018
Kassaldo 3.767 2.854
Banksaldi 79.588 280.320
Totaal liquide middelen 83.355 283.174

Overlopende Activa

Hieronder zijn de (als) vooruitbetaalde (geboekte) bedragen verantwoord. Enkele grotere posten zijn de contributies en verzekeringen.

Tevens zijn onder de overlopende activa opgenomen de nog te verwachten inkomsten over 2018 en eventueel vorige jaren, waarvan op het moment van het opmaken van de jaarrekening het bedrag nog niet bekend was, of waarvan de nodige bescheiden nog niet waren ontvangen. Het gaat hier voornamelijk om de toeristenbelasting, riool- en afvalstoffenheffing 3e termijn. Wanneer de exacte bedragen niet bekend zijn, wordt vooralsnog uitgegaan van het in de begroting geraamde bedrag, wat dan als “nog te ontvangen” wordt opgenomen.

Boekwaarde 31 december 2017 Boekwaarde 31 december 2018
De voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel, nog te ontvangen van:
- Europese overheidslichamen 0 0
- Het Rijk 0 0
- Overige Nederlandse overheidslichamen 0 0
Overige nog te ontvangen bedragen  2.876.001 2.175.553
Vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen 217.870 527.551
Totaal overlopende activa 3.093.871 2.703.104

 

Passiva eigen vermogen

De post eigen vermogen wordt onderscheiden in:

Boekwaarde   31 december 2017 Boekwaarde 31 december 2018
Reserves, gespecificeerd naar:
- algemene reserve 16.266.065 20.693.880
- bestemmingsreserve 16.809.723 17.921.855
Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 6.097.792 3.665.005
Totaal eigen vermogen 39.173.580 42.280.740

Van de beschikkingen over reserves heeft een bedrag van € 1.528.741,- betrekking op de dekking van kapitaallasten. Het betreft de volgende reserves:

Algemene reserve (vrij besteedbaar) 99.636
BR Kunst 202
BR Ecol. verbindingszone 2.446
BR rehabilitatie wegen* 82.692
BR Herziening (algemene) ruimtelijke plannen 23.109
BR Duurzaamheid 3.400
BR Innovatie en uitvoering toekomstvisie 12.921
BR Vervanging groen 107.765
Egalisatiereserve bruto-methode* 540.119
872.290

 * alleen dekking reguliere afschrijvingen, géén afschrijvingen ineens 

De gemeente kent per 31 december de volgende algemene en bestemmingsreserves:

Algemene en bestemmingsreserve als pdf-file

Batig saldo

Het batig exploitatiesaldo over 2018 bedraagt € 3.665.005,38. Daarvan is het saldo van de bouwgrondexploitatie € 470.000,-- voordelig. Hierbij kan worden opgemerkt dat in 2018 er aan de voorziening voor toekomstige te verwachten verliezen een bedrag van € 80.784,-- per saldo is toegevoegd.

Het betreft de volgende exploitaties:
Dorpshart Knegsel -/- 23.874,--
Steensel-Noord 27.651,--
Koemeersdijk 24.566,--
Duizel-Noord -/- 2.039,--
Rosheuvel 54.480,--

Rekening houdend met de mutaties van en naar de reserves, komt het totaalsaldo van baten en lasten (gezuiverd resultaat) uit op € 6.772.164,94 voordelig.
Saldo van baten en lasten 6.772.164,94
Beschikkingen over de reserve(s)  14.624.834,67
21.396.999,61
Toevoegingen aan de reserve(s) -16.749.625,43
4.647.374,18
Rentetoevoeging aan algemene reserve -558.172,69
Rentetoevoeging aan bestemmingsreserves -424.196,11
Gerealiseerd resultaat  3.665.005,38

Voorzieningen

De voorzieningen zijn apart in de balans opgenomen. Aangezien de aanwending ervan reeds bekend is, worden deze niet als eigen vermogen, maar als vreemd vermogen aangemerkt. De voorzieningen laten over 2018 het volgende verloop zien:

Boekwaarde 31 december 2017 Boekwaarde 31 december 2018
Voorzieningen 22.037.699 22.534.139
Totaal voorzieningen 22.037.699 22.534.139

 Voor toekomstige te verwachten exploitatieverliezen op bouwgrondexploitaties is een voorziening gevormd van € 3.703.093,--. Op grond van het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) dient deze echter op de waarde van de gronden in mindering te worden gebracht. Tevens dient de voorziening voor dubieuze debiteuren, ad € 45.287,--, in mindering te worden gebracht op de openstaande vorderingen. Op de balans is hierdoor onder voorzieningen een bedrag van € 18.785.759,-- opgenomen.

In navolging van voorgaande jaren wordt het voordelige of nadelige resultaat tussen de geraamde en de werkelijke kosten van de werkzaamheden uit de betreffende jaarschijf van de meerjarige onderhoudsplannen ten laste/gunste van de onderhoudsvoorzieningen en ten gunste/laste van de exploitatie gebracht.

De gemeente heeft per 31 december de volgende voorzieningen:

Voorzieningen als pdf-file

Op grond van het BBV moet het saldo van een voorziening zijn onderbouwd en kan nimmer negatief zijn. Wanneer een voorziening per 31 december een negatief saldo vertoont dient het saldo t.l.v. de exploitatie te worden aangevuld. Per 31 december 2018 vertonen alle voorzieningen een positief saldo. Rentetoevoeging aan voorzieningen is niet toegestaan, tenzij een voorziening is berekend op basis van contante waarde. Dit doet zich voor bij de voorziening toekomstige verliezen op grondexploitaties. 

De rente over de reserves en voorzieningen bedraagt € 1.336.387,--. Hiervan is een bedrag van € 982.369,-- via resultaatsbestemming aan de reserves toegevoegd en € 71.026,-- aan de voorziening toekomstige verliezen grondexploitatie. Het restant is ten gunste gebracht van de exploitatie. Op deze rentetoevoeging heeft echter een correctie plaatsgevonden als gevolg van de onderuitputting op kapitaallasten. Doordat investeringen, die in één keer ten laste van reserves worden afgeschreven, later worden uitgevoerd vindt de beschikking over deze reserves eveneens later plaats. Hierdoor is de stand van de betreffende reserve(s) per 1 januari feitelijk te hoog en wordt er dientengevolge teveel rente aan toegevoegd die ten gunste van de exploitatie behoort te blijven. Voor 2018 is dit bedrag becijferd op € 76.603,--. (zie ook treasury-paragraaf 4.2).

Ten behoeve van de onderbouwing van de saldi van de onderhoudsvoorzieningen per 31 december is bij de jaarrekening aansluiting gezocht met de (meerjaren-) onderhoudsplannen. Bij de overige voorzieningen is anderszins een onderbouwing van het saldo gemaakt.

Vaste schulden met een rentetypische looptijd van 1 jaar of langer

De vaste schulden zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde (hoofdsom) verminderd met het totaal van de gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Hieronder worden onder andere de opgenomen geldleningen verantwoord. Het verloop hiervan is als volgt:

Verloop opgenomen geldleningen Boekwaarde 31 december 2017 Boekwaarde 31 december 2018
Onderhandse leningen van binnenlandse banken 11.241.128 10.396.308
Waarborgsommen 15.162 15.242
Totaal vaste schulden 11.256.290 10.411.550

De rentelast ten aanzien van bovengenoemde geldleningen bedroeg over 2018 € 422.868,--. 

Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar

De post netto vlottende schulden worden onderscheiden in: Boekwaarde 31 december 2017 Boekwaarde 31 december 2018
Banksaldi 0 0
Kasgeldleningen 0 0
Overige schulden 3.905.903 3.629.398
Totaal kortlopende schulden

3.905.903

3.629.398

Het saldo van de kortlopende schulden is hoog. Dit komt, doordat uitgaven, welke nog betrekking hebben op 2018, maar waarvan de bescheiden eerst in 2019 zijn ontvangen, via de sub administratie “crediteuren” nog in 2018 zijn verantwoord. De financiële afwikkeling gebeurt echter in 2019. Daarnaast staat er via de Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking Kempengemeenten nog een schuld van de gemeente Eersel open welke op onze balans is gepresenteerd.

Ook wordt hieronder een eventueel debetsaldo van de bank verantwoord.

Overlopende passiva

De post overlopende passiva wordt onderscheiden in: Boekwaarde 31 december 2017 Boekwaarde 31 december 2018

De voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren, ontvangen van:

Europese overheidslichamen 0 0
Het Rijk 53.999 47.964
Overige Nederlandse overheidslichamen 710.044 506.019

Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen

316.196

407.254

Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgende begrotingsjaar tot betaling komen

2.375.687 1.174.551
Totaal 3.455.926 2.135.788

Hieronder zijn opgenomen de nog te verwachten uitgaven over 2018 en eventueel vorige jaren, waarvan op het moment van het opmaken van de jaarrekening het bedrag nog niet bekend was, of waarvan de nodige bescheiden nog niet waren ontvangen. Wanneer de exacte bedragen niet bekend zijn, wordt vooralsnog uitgegaan van het in de begroting geraamde bedrag, wat dan als “nog te betalen” wordt opgenomen. Ook de verplichtingen die via de Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking Kempengemeenten betaald moeten worden, zijn hier gepresenteerd.

Tevens zijn hieronder de vooruitontvangen bedragen voor 2018 verantwoord, alsmede de (vooruitontvangen) specifieke doeluitkeringen, waarvan de bestemming nog moet worden gerealiseerd.

Het verloop van deze doeluitkeringen is als volgt te specificeren:

Het Rijk Saldo 1 jan 2018 Vermeerdering Vermindering Saldo 31 dec 2018
Onderwijsachterstanden-beleid 93.244 55.297 94.542 53.999
Aanvullende gevelmaatregelen N284 0 18.240 4.622 13.618

Overige Nederlandse overheidslichamen Saldo 1 jan 2018 Vermeerdering Vermindering Saldo 31 dec 2018
Provincie Noord Brabant 710.044 26.667 276.521 509.250

Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen

De gemeente heeft diverse verplichtingen, die niet in de balans mogen/kunnen worden opgenomen. Teneinde deze inzichtelijk te maken zijn de belangrijkste hieronder aangegeven:

Garanties

De gemeentegaranties terzake van het eigen woningbezit door particulieren zijn ondergebracht bij de Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen. Voor de gemeente bestaat nog een beperkt risico als gevolg van de afgesproken achtervangconstructie. Deze constructie houdt in, dat bij een bovenmatig beroep op de middelen van de stichting, de gemeente alsnog kan worden aangesproken.

Ook staat de gemeente garant voor anders dan voor eigen woningbezit afgesloten geldleningen, met name door toegelaten instellingen (Woningstichting de Zaligheden, Nederlandse Stichting voor Andere Woonvormen). Ook hier is sprake van een achtervangconstructie. Deze garanties zijn ondergebracht bij het Waarborgfonds Sociale Woningbouw, met een schuldrestant per 31-12-2018 van € 95.131.700,--. Gelet hierop en op de aard van deze instellingen zijn de risico’s voor de gemeente zeer beperkt. Concrete verplichtingen als gevolg van garantieverlening zijn per 31 december niet aanwezig.

Faciliterend grondbedrijf

Een anterieure overeenkomst in Duizel-Noord is aangegaan waarvan de vergunning nog niet is verleend en de kosten nog niet gerealiseerd, ter waarde van € 49.350,--.

Leningen

Vanuit de lening portefeuille zijn, voor de restant looptijd van de huidige leningen, renteverplichtingen aangegaan, met een totaal van € 3.052.337,-- tot en met 31-12-2036.

Overeenkomsten

De gemeente heeft met diverse partijen meerjarige contracten en overeenkomsten afgesloten waaruit financiële verplichtingen kunnen voortvloeien die niet uit de balans blijken.

  • Contracten ten behoeve van uitvoeren van de taken naar aanleiding van de decentralisaties;
  • Een 5-jarige overeenkomst met de WVK, voor onder andere de groenvoorziening met een daarbij horende totaal verplichting van € 432.786,22 per jaar met een jaarlijkse indexering;

De uit bovengenoemde verplichtingen voortvloeiende jaarlijkse lasten worden echter afgedekt door middel van ramingen in de begroting.

Specifieke uitkeringen

Single Information Single Audit (SISA)

Gerealiseerde baten en lasten per taakveld 2018

Taakvelden gemeenten Realisatie
Lasten Baten Saldo
0.1 Bestuur 1.292.257,46 214.423,11 -1.077.834,35
0.2 Burgerzaken 406.381,33 361.358,95 -45.022,38
0.4 Overhead 4.968.841,77 330.249,17 -4.638.592,60
0.5 Treasury 110.585,48 1.658.317,89 1.547.732,41
0.61 OZB woningen 53.702,23 2.200.260,00 2.146.557,77
0.62 OZB niet-woningen 0 1.312.933,00 1.312.933,00
0.64 Belastingen overig 193.645,95 111.256,72 -82.389,23
0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds 0 24.797.349,10 24.797.349,10
0.8 Overige baten en lasten 0 563.667,75 563.667,75
0.9 Vennootschapsbelasting (VpB) 186.283,00 0 -186.283,00
0.10 Mutaties reserves 7.969.196,93 8.527.042,75 557.845,82
0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten 3.665.005,38 0 -3.665.005,38
1.1 Crisisbeheersing en brandweer 1.187.375,38 68.069,24 -1.119.306,14
1.2 Openbare orde en veiligheid 296.894,97 83.950,73 -212.944,24
2.1 Verkeer en vervoer 2.327.911,15 127.613,94 -2.200.297,21
2.2 Parkeren 5.930,89 4.196,15 -1.734,74
2.5 Openbaar vervoer 1.360,00 0 -1.360,00
3.1 Economische ontwikkeling 263.050,23 1.780,80 -261.269,43
3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur 872.446,95 761.473,44 -110.973,51
3.3 Bedrijvenloket en bedrijfsregelingen 1.768,19 -543 -2.311,19
3.4 Economische promotie 130.526,20 609.928,31 479.402,11
4.1 Openbaar basisonderwijs 350.632,86 99.674,28 -250.958,58
4.2 Onderwijshuisvesting 786.861,16 13.575,04 -773.286,12
4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken 680.919,65 84.135,55 -596.784,10
5.2 Sportaccommodaties 1.278.998,42 94.223,58 -1.184.774,84
5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie 271.387,95 26.244,43 -245.143,52
5.4 Musea 93.468,17 -17.258,88 -110.727,05
5.6 Media 299.675,34 0 -299.675,34
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie 1.389.993,57 127.566,14 -1.262.427,43
6.1 Samenkracht en burgerparticipatie 1.918.889,96 116.441,67 -1.802.448,29
6.2 Wijkteams 702.734,67 0 -702.734,67
6.3 Inkomensregelingen 2.730.805,12 1.897.004,10 -833.801,02
6.4 Begeleide participatie 3.150.150,00 1.557.486,26 -1.592.663,74
6.5 Arbeidsparticipatie 132.610,30 2.772,05 -129.838,25
6.6 Maatwerkvoorzieningen (WMO) 369.027,06 46 -368.981,06
6.71 Maatwerkdienstverlening 18+ 3.666.087,49 266.532,99 -3.399.554,50
6.72 Maatwerkdienstverlening 18- 2.508.253,03 0 -2.508.253,03
6.81 Geëscaleerde zorg 18+ 61.578,00 0 -61.578,00
6.82 Geëscaleerde zorg 18- 311.976,66 0 -311.976,66
7.1 Volksgezondheid 767.953,92 1.007,53 -766.946,39
7.2 Riolering 1.919.369,58 2.039.786,43 120.416,85
7.3 Afval 1.313.994,44 1.383.390,77 69.396,33
7.4 Milieubeheer 468.703,28 122,47 -468.580,81
7.5 Begraafplaatsen en crematoria 480 0 -480
8.1 Ruimtelijke ordening 295.372,89 465.343,92 169.971,03
8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen) 1.021.695,49 940.911,88 -80.783,61
8.3 Wonen en bouwen 1.055.858,19 648.306,43 -407.551,76
Totaal 51.480.640,69 51.480.640,69 0