Dekkingsmiddelen en stelposten JS18

Overzicht algemene dekkingsmiddelen

In de volgende tabel wordt een overzicht gegeven van de algemene dekkingsmiddelen.

Algemene dekkingsmiddelen (bedragen * € 1.000)
Begroting 2018 Rekening 2018
Lokale heffingen:
- onroerendezaakbelastingen 3.506 3.513
- toeristen- en forensenbelasting 370 425
- precariobelasting 30 27
- reclamebelasting 50 50
Algemene uitkering gemeentefonds 24.936 24.797
Dividend BNG 306 306
Rente eigen financieringsmiddelen (bespaarde rente ten gunste van de exploitatie) 117 239
Totaal algemene dekkingsmiddelen 29.315 29.357

Onroerendezaakbelastingen (OZB), Toeristen- en forensenbelasting, precariobelasting

Voor deze lokale heffingen wordt op deze plaats verwezen naar de paragraaf “Lokale heffingen”.

Algemene uitkering gemeentefonds (inclusief sociaal domein)

De werkelijke in 2018 verantwoorde algemene uitkering bedraagt € 24.797.349,--. De geraamde rijksbijdrage bedraagt na diverse bijstellingen(t/m 2e berap 2018) € 24.936.154,--. Er is derhalve sprake van een nadelig effect van € 138.805,--. Dit nadelig effect is mede het gevolg van de septembercirculaire 2018 waarbij het accres werd verlaagd met € 194 miljoen als gevolg van lagere uitgaven van het Rijk (“samen trap af”), verlaging van de ruimte onder het bcf-plafond (zie ook onderdeel stelposten) en een voordeel als gevolg van een bijstelling van de WOZ-waarde. Ná de septembercirculaire 2018 hebben enkele correcties plaatsgevonden op zowel het huidige uitkeringsjaar als voorgaande jaren. In het oog springt de eenmalige compensatie van € 53.000,--  voor de verhoging van de raads-ledenvergoeding (zie ook programma 9). Tevens is rekening gehouden met een vergoeding voor maatschappelijke begeleiding van afgerond € 31.000, welke niet in de algemene uitkering was geraamd (zie ook het onderdeel stelposten). De algemene uitkering is berekend op basis van de accresmededeling uit de septembercirculaire 2018. Verder wordt tevens verwezen naar de paragraaf “Weerstandsvermogen en risicobeheersing”.

Toelichting Algemene uitgaven en inkomsten

In programma 10 wordt de totale beschikking over de bestemmingsreserve bruto-methode geraamd. Deze inkomst betreft de dekking van de kapitaallasten van geactiveerde uitgaven die gedekt worden uit beschikkingen over reserves en/of bijdragen van derden. Middels de bruto-methode blijven deze geactiveerde wel zichtbaar in de exploitatie en op de balans. Het effect voor de exploitatie is nihil aangezien de kapitaallasten en de beschikking over de reserve bruto-methode budgettair neutraal verlopen. De beschikking over de egalisatiereserve bruto-methode bedraagt voor 2018 € 540.120,--.

Stelposten

In de begroting 2018 zijn naast de stelposten voor onvoorziene uitgaven en lasten van het meerjarig investeringsprogramma, tevens stelposten opgenomen voor het sluitend maken van de begroting. Het totaaloverzicht van de in de jaarrekening 2018 nog resterende ramingen op stelposten kan als volgt worden weergeven:

Primitieve begroting 2018 (x €) Restant raming 2018
(x €)
Stelpost onvoorziene uitgaven
Onvoorzien  40.000 54.827
Totaal onvoorziene uitgaven  40.000 54.827
Stelposten 
Lasten investeringsprogramma  0 -7.120
Overige stelposten
Onderuitputting rentelasten (latere uitvoering investeringen) -40.000 -50.786
Stelpost Vernieuwing maatschappelijke ondersteuning 50.000 0
Stelpost garantiebanen (participatiewet) 10.000 0
Stelpost wegens overheveling buitenonderhoud primair en speciaal onderwijs -97.232 0
Reserveringen VNG betalingen 40.000 0
Stelpost statushouders 23.000 60.000
Stelpost 3 decentralisaties 100.887 0
Stelpost armoedebestrijding kinderen 52.000 30.500
Stelpost uitvoering gedoogakkoord 60.000 0
Stelpost IBP 175.000
Stelpost reservering BCF-plafond 75.000 75.000
Stelpost decentralisatie uitkering statushouders -71.000 -71.000
Totaal overige stelposten 2018 202.655 218.714

Toelichting stelpost “Onvoorziene uitgaven”

De restantraming van de stelposten voor onvoorziene uitgaven van € 54.827,-- valt vrij ten gunste van de exploitatie 2018. In de wettelijke voorschriften voor de jaarstukken is onder meer opgenomen dat de toelichting bij de jaarrekening een overzicht dient te bevatten waaruit de aanwending van de post ‘onvoorziene uitgaven’ blijkt (artikel 28 lid b van het Besluit Begroting en Verantwoording). Het overzicht voor 2018 betreft de volgende aanwending c.q. vastgestelde begrotingswijzigingen 2018:

Post onvoorziene uitgaven 2018 (primitieve begroting) €       40.000,--
Aanwending in 2018:
- Bijstellingen afvalverwijdering  (3e begrotingswijziging 2018) €       22.277,--
- Nota gezondheid-2021 (13e begrotingswijziging 2018) €        -7.450,--
Restantraming stelpost onvoorzien €       54.827,--

Toelichting stelpost “Lasten investeringsprogramma”

Bij de 2e begrotingswijziging 2018 zijn de kapitaallasten 2018 uit het meerjarig investeringsprogramma 2018-2020 geraamd en aangezien deze niet waren geraamd in de primitieve begroting is er sprake van een negatieve restant raming. 

Toelichting “Overige stelposten”

Onderuitputting rentelasten investeringen

De veronderstelling bij deze stelpost is dat een aantal van de in de begroting opgenomen investeringen (al beschikbaar gestelde kredieten), pas in een later stadium worden betaald dan bij de aanvang. Hierdoor zullen de kapitaallasten lager uitvallen of rentevoordeel ontstaan doordat later beschikt wordt over reserves. In de begroting 2018-2021 is voor het begrotingsjaar 2018 een stelpost geraamd van € 40.000,--. Daarnaast is er sprake van tussentijds geraamde rentelasten (half jaar ad € 10.786,--) voortvloeiende uit nieuwe investeringen. Bij de jaarrekening 2018 komt de onderuitputting wegens de lagere onttrekking aan de reserves op een bedrag van € 76.603,--, zodat deze stelpost voor een belangrijk deel is gerealiseerd. Dit voordeel is verwerkt in de renteomslag, zodat de doorbelasting van de rentekosten aan de diverse programma’s lager is dan was geraamd. Het voordelig verschil tussen de geraamde stelpost ad € 40.000,-- en het genoemde voordeel van € 76.603,-- komen ten gunste van de exploitatie 2018 (zie ook de Treasuryparagraaf). Volledigheidshalve wordt hierbij opgemerkt dat - na overleg met de provincie de stelpost onderuitputting wordt afgebouwd met € 40.000,-- per jaar (naar nihil in 2019).

Stelpost Vernieuwing maatschappelijke ondersteuning

Deze stelpost in conform de 2e bestuursrapportage 2018 ingezet voor formatie-uitbreiding van het Wmo-loket.

Stelpost garantiebanen

Deze stelpost in conform de 2e bestuursrapportage 2018 ingezet voor formatie-uitbreiding bij de buitendienst.

Stelpost wegens overheveling buitenonderhoud primair en speciaal onderwijs

Conform de 9e begrotingswijziging 2018 is bij de vaststelling van het IHP deze stelpost afgeboekt.

Stelpost VNG betalingen

Conform de 1e begrotingswijziging 2018 is deze stelpost afgeboekt ter gedeeltelijke dekking van een hogere bijdrage aan de VNG.

Stelpost statushouders

Deze stelpost is via de resultaatbestemming bij de jaarrekening 2017 verhoogd met € 37.000,-- naar € 60.000,--. In 2018 is deze stelpost niet aangesproken en valt derhalve ten gunste van de exploitatie vrij.

Stelpost 3D’s

In de 1e bestuursrapportage 2018 is gemotiveerd waarom deze stelpost is opgeheven.

Stelpost armoedebestrijding

Bij de vaststelling van het minimabeleid 2018-2022 is € 21.500,-- van deze stelpost ingezet. Het resterende bedrag van deze stelpost ad € 30.500,-- is in 2018 niet aangesproken en valt vrij ten gunste van de exploitatie.

Stelpost uitvoering gedoogakkoord

Conform het raadsbesluit “Extra aanpak voor een schoner Eersel” is middels vaststelling van de 12e begrotingswijziging 2018 het budget van € 60.000,-- overgebracht naar programma 6. 

Stelpost Interbestuurlijk programma (IBP)

Als gevolg van de maartcirculaire 2018 is conform de 1e bestuursrapportage 2018 een stelpost opgenomen van € 175.000,00 voor het IBP. Deze stelpost valt nu vrij ten gunste van de exploitatie.

Stelpost BCF-plafond

Gelet op de onzekerheid over de gemeentelijke investeringen wordt er (vanaf begrotingsjaar 2016) een structurele stelpost geraamd om eventuele tegenvallers op dit terrein op te kunnen vangen. In de septembercirculaire 2018 is sprake van een nadelig BCF-effect van ongeveer € 146.000,--. Dit laatste is verwerkt in de algemene uitkering in programma 10. Deze stelpost staat dus tegenover dit nadeel. In de meicirculaire 2019 maakt het rijk nog een eindafrekening. Deze zal ten gunste dan wel ten laste van 2019 worden gebracht.

Stelpost decentralisatie uitkering statushouders

De eenmalige vergoeding per volwassen statushouder die een inburgeringscursus volgt (ad € 2.370) is overgeheveld van het centraal orgaan asielzoekers (COA) naar het gemeentefonds. In deze overgang is in de begroting 2018 deze vergoeding op basis van 30 personen geraamd op als stelpost (€ 71.000). In de algemene uitkering  (programma 10) is nu op basis van voorlopige afrekening rekening gehouden met een vergoeding van 13 personen (afgerond € 31.000). Derhalve per saldo een nadeel van € 40.000,--.

Overzicht belangrijkste afwijkingen

Voor een analyse van de verschillen tussen begroting (incl. wijzigingen) en rekening, wordt op deze plaats verwezen naar de desbetreffende programma’s, zoals opgenomen in het onderdeel “Wat heeft het gekost” (exploitatie).

Voor wat betreft de geconstateerde afwijkingen tussen begroting en rekening kan worden opgemerkt dat deze aangemerkt worden als incidenteel. Het betreft de volgende posten:

Programma 0:
-   WSW (uitkering van de WVK wegens afbouw vermogen WVK) 1.257.000,-- V
-   WWB-werkdeel 20.000,-- V
-   BUIG 149.000,-- V
-   BBZ 52.000,-- V
-   Bijzondere bijstand 40.000,-- V
Programma 1:
-   Peuterspeelzaalwerk (uitkering) 90.000,-- V
-   Waardering mantelzorg (budget 3D) 18.000,-- V
-   Clientondersteuning (budget 3D) 26.000,-- V
-   WMO hulp bij huishouden 20.000,-- V
-   WMO pbb begeleiding 35.000,-- V
-   WMO maatwerkvoorziening materieel -25.000,-- N
-   Zorg zonder verblijf jeugd 286.000,-- V
-   Zorg met verblijf jeugd -42.000,-- N
-   Landelijke zorg jeugdhulp -34.000,-- N
-   Veiligheid reclassering en overige jeugd 46.000,-- V
Programma 2:
-   Opheffen onderwijsachterstanden -34.500,-- N
Programma 3:
-   Omgevingsvergunningen 46.000,-- V
-   Bezwaar- en beroepszaken bouw -16.000,-- N
-   Handh best pl en bouwverg -46.000,-- N
-   Huisvesting statushouders -26.000,-- N
-   Onderhoud groen buiten de kom (STIKA 2018) 25.000,-- V
-   Natuurontwikkeling -13.500,-- N
-   Anterieure overeenkomsten 314.000,-- V
Programma 4:
-   Afval (tekort exclusief BCF en overhead) -118.000,-- N
-   Vergunningverlening wet Milieubeheer (lagere kosten ODZOB) 37.000,-- V
-   Wet Milieubeheer (duurzaamheid) 20.000,-- V
-   Integrale controles wet Milieubeheer 18.000,-- V
Programma 5:
-   Uitvoering APV / Bijz wetten 17.000,-- V
Programma 6:
-   Onderhoud wegen (schoner Eersel) 60.000,-- V
-   Onderhoud wegen (buurtschouw) 70.000,-- V
-   Onderhoud wegen (onkruidbestrijding) 30.000,-- V
-   Overige verkeersvoorzieningen (subsidie) -17.000,-- N
-   Openbare verlichting -40.000,-- N
-   Gladheidsbestrijding 19.000,-- V
Programma 7:
-   Sporthal de Kraanvogel -64.000,-- N
-   Onderhoud sportvelden en groenvoorziening -21.000,-- N
Programma 8:
-   Lagere bijdrage Kempische Industrie Agenda 18.000,-- V
-   Bijdrage aan de toeristische sector 72.000,-- V
-   Beheer gronden (verkoopopbrengst) 135.000,-- V
-   Beheer gronden (aankoop landbouwgrond) -238.000,-- N
Programma 9:
-   Hogere vergoeding raadsleden -44.000,-- N
-   Gewezen wethouders (met name mutaties voorzieningen) -97.000,-- N
Programma 10:
-   Algemene uitkering -139.000,-- N
-   Toeristenbelasting 56.000,-- V
-   Afwijking rente interne financieringsmiddelen 102.000,-- V
-   Voorziening dubieuze debiteuren 94.000,-- V
-   Vennootschapsbelasting -186.000,-- N
-   Stelposten 274.000,-- V
-   Reeds geraamd begrotingssaldo 2018 542.000,-- V
Programma 11:
-   Lagere loonkosten 472.000,-- V
-   Hogere kosten inhuur -277.000,-- N
-   Hogere kosten opleidingen -16.000,-- N
-   Hogere ICT kosten -17.000,-- N
-   Hogere werkplekuitgaven -35.000,-- N
-   Hogere toevoeging/negatieve vrijval onderhoudsvoorzieningen -18.000,-- N
-   Lagere kosten voor facilitaire dienstverlening 34.000,-- V
-   Hogere inkomsten door werken voor derden 18.000,-- V
-   Lagere kapitaallasten 78.000,-- V
-   Hogere doorbelasting aan taakvelden/programma's 168.000,-- V
3.194.000,-- V

In 2018 kan het totaal aan incidentele afwijkingen worden becijferd op € 3.194.000,-- voordelig