Arbeidskosten

Formatie

Bij de berekening van de arbeidskosten is voor de begroting 2019 uitgegaan van 83,2 fte (inclusief o.a. formatie-uitbreidingen bij 1e bestuursrapportage 2018 (inclusief garantiebanen) en overige mutaties). Deze arbeidskosten zijn ook meegenomen in de kostenverdeling of rechtstreeks geraamd op de functionele begrotingspost c.q. productgroep dan wel geraamd in het nieuwe programma “Overheadkosten”. 

Verder wordt met betrekking tot deze paragraaf “arbeidskosten” opgemerkt dat de raad op 14 juni 2012 bij de vaststelling van de programmarekening 2011, inclusief de resultaatbestemming 2011, onder meer heeft besloten om een nieuwe voorziening “personele gevolgen organisatie-ontwikkelingen” in te stellen om de financiële gevolgen van met name tijdelijke (onvermijdbare) boventalligheid medewerkers en afvloeiing van medewerkers mogelijk te maken. Van het rekeningresultaat 2011 is een bedrag van € 292.000,-- bestemd c.q. gestort in de nieuwe voorziening. Vervolgens is bij de vaststelling de jaarrekening 2013, 2014 en 2016 besloten om een gedeelte van het rekeningresultaat, te weten respectievelijk € 95.000,--, € 200.000,-- en € 100.000,--, toe te voegen aan de deze voorziening. Hierdoor ontstonden meer mogelijkheden om de stelpost formatie/bedrijfsvoering 2014-2017 te kunnen realiseren en daarnaast dienen financiële gevolgen van met name langdurige ziekte van medewerkers en de daarmee gepaard gaande (eventuele) WW-verplichtingen en afvloeiing van medewerkers mogelijk te worden gemaakt.

Het saldo per 1 januari 2018 bedraagt werkelijk € 215.511,-- en wordt ultimo 2019 geraamd op € 42.655,--. Dit resterende saldo wordt in 2020 volledig ingezet.

Voorziening wachtgelden wethouders

Met betrekking tot de wachtgeldverplichtingen (voormalige) wethouders is - op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) - vanaf 2005 een voorziening gevormd. Bij de jaarrekening wordt telkens door de accountant getoetst of het volume van deze voorziening toereikend is om aan de (toekomstige) verplichtingen te voldoen (conform BBV-voorschriften).

Uit de laatste actualisatie van de voorziening wachtgelden gewezen wethouders bleek dat er bij de jaarrekening 2017 geen extra storting nodig was.

Het voorgaande betekent dat er ten behoeve van de jaarrekening 2018 wederom een actualisatie van deze voorziening zal plaatsvinden. Een verhoging of verlaging van deze voorziening dient dan – conform het standpunt van de accountant - vervolgens in de jaarrekening 2018 te worden verwerkt. Aangezien er in 2018 3 nieuwe wethouders zijn benoemd en er daarnaast ook sprake is van een formatie-uitbreiding van in totaal 0,3 fte (van 2,7 naar 3,0fte), zal er in 2018 een extra storting in deze voorzieningen moeten plaatsvinden. Vooruitlopend op de berekeningen van de extra storting wordt bij het verloop van de algemene reserve vrij besteedbaar (zie paragraaf 2.4) voorlopig rekening gehouden met een extra storting van € 250.000,--.

In 2012 is het wetsvoorstel Appa-uitkering aangenomen waardoor de maximale duur van de wachtgelduitkering wordt ingekort van 4 jaar naar 3 jaar en 2 maanden (is dan gelijk aan de duur van een normale werkloosheidsuitkering). Dit is niet van toepassing op de reeds vóór de datum van inwerkingtreding ingegane Appa-uitkeringen.

Volledigheidshalve wordt hierbij opgemerkt dat vanaf 27 februari 2010 de sollicitatieplicht is ingevoerd voor gewezen-wethouders en de gemeenten verplicht zijn om voor de begeleiding een re-integratiebedrijf in te schakelen.