Algemene uitgangspunten

Evenals bij de systematiek van de berekening van de algemene uitkering is bij de begroting voor de jaren 2019-2022 geen rekening gehouden met algemene loon- en prijsstijgingen. De meerjarenramingen zijn dus berekend op het systeem van constante lonen en prijzen.

Bij de berekening van de kapitaallasten voortvloeiende uit het investeringsschema is uitgegaan van 2% rente en is bij de stelpost onderuitputting – conform de financiële verordening – voor het eerste jaar rekening gehouden met een half jaar rentelasten.

Verder is uitgegaan van aanvaard beleid inclusief alle begrotingswijzigingen tot en met de raad van 3 juli 2018 en de jaarrekeningcijfers 2017.