Verloop meerjarenramingen 2021-2023

De begroting 2020-2023 heeft voor de afzonderlijke jaren de volgende saldi:

Jaar Bedrag
2020 185.049
2021 -204.275
2022 -395.135
2023 -267.963

Hierbij wordt opgemerkt dat in het saldo voor 2020 rekening is gehouden met een bijdrage van de WVK van € 300.000,-- welke loopt tot en met het jaar 2020. Vanaf  het jaar 2021 wordt rekening gehouden met een  beschikking over de bestemmingsreserve “Afbouw dividenduitkering WVK” van € 250.000,-- in 2021, welke jaarlijks afloopt met € 50.000,--.

De beschikking over deze  bestemmingsreserve wordt in principe als incidenteel dekkingsmiddel aangemerkt. Dit laatste betekent dat het structureel begrotingssaldo 2021 door een correctie van € 250.000,-- (incidenteel dekkingsmiddel)  € 454.275,-- negatief bedraagt.

Volledigheidshalve wordt hierbij opgemerkt dat er een mogelijkheid is om de beschikking over de bestemmingsreserve als structureel aan te merken, waardoor de correctie ad € 250.000,-- in 2021 achterwege blijft. Als voorwaarde wordt in het gemeenschappelijk financieel toezichtkader 2020 beschreven dat dan alle jaarschijven structureel  en reëel in evenwicht moeten zijn.  In deze casus  betekent dit  derhalve dat het voor  de begroting 2021 € 395.135,-- (hoogste tekort in 2022) moet worden opgelost. Ter toelichting op genoemde getallen is onderstaande tabel toegevoegd.

2020 2021 2022 2023
Meerjarenbegrotingssaldi (inclusief beschikking bestem.reserve WVK vanaf 2021) 185.049 -204.275 -395.135 -267.963
waarvan incidenteel 107.506
Structureel begrotingssaldi 77.543 -204.275 -395.135 -267.963
beschikking bestem.reserve "Afbouw dividenduitkering WVK" 250.000 200.000 150.000
Structureel begrotingssaldi indien beschikking bestem.reserve als incidenteel dekkingsmiddel wordt aangemerkt 77.543 -454.275 -595.135 -417.963

In onderstaand overzicht worden de wijzigingen ten opzichte van de vorige jaarschijf weergegeven. N.B.: + = positief effect ten opzichte van vorig jaar; - = negatief effect ten opzichte van vorig jaar.

Omschrijving Verschil 2021 t.o.v. 2020 Verschil 2022 t.o.v. 2021 Verschil 2023 t.o.v. 2022
Beginsaldo (=eindsaldo vorig begrotingsjaar) -185.049 204.275 395.135
Mutaties t.o.v. vorig begrotingsjaar
Productgroepen:
- Werk -50.000 -50.000 -50.000
- Inkomen -100.000 -2.000 -2.000
- Vrijwilligers -3.550 2.750 -3.250
- Oud., chron.zieken en gehand. -13.693 0 0
- Sociaal cultureel werk 0 6.000 0
- Wettelijke onderwijstaken 1.760 1.804 1.849
- Bouwen en wonen -97.458 0 0
- Woonomgeving en leefmilieu 9.000 0 0
- Bereikbaarheid -30.000 -35.000 -35.000
- Sport en recreatie 2.400 -2.400 2.400
- Privaatrecht. eigendommen 0 0 -6.000
- Bestuursorganen -23.330 -41.000 27.000
- Maatschappelijke registratie -8.097 -10.225 -18.657
- Algemene dekkingsmiddelen -177.245 -161.340 170.692
- Overheadkosten 100.889 100.551 40.138
Totaal 204.275 395.135 267.963

 Voor zover de meerjarenramingen 2021 tot en met 2023 aanzienlijk afwijken wordt dit hieronder per productgroep nader toegelicht.

Productgroep Werk

De mutaties hebben betrekking op een daling vanaf 2021 van de bonusuitkering van de WVK van € 300.000,-- in 2020 naar nihil in 2021. Hiertegenover staat echter een bijdrage uit de bestemmingsreserve “Afbouw dividenduitkering WVK” van € 250.000,-- in 2021 (€ 200.000,-- 2022, € 150.000,-- 2023), zodat per saldo sprake is van een nadelig effect ten opzichte vanaf 2021 van € 50.000,--.

Productgroep Inkomen

Het nadeel wordt veroorzaakt doordat we in 2020 (en 2019)  nog een hogere BUIG-uitkering ontvangen vanuit het rijk aangezien de rijksuitkering vertraagt meebeweegt (t-2) met de uitkeringskosten. In 2021 is dit effect er niet meer.

Productgroep Bouwen en wonen

De mutaties hebben betrekking de beschikking over de bestemmingsreserve ‘Uitkering HNG’ ( € 97.458,--) die enkel nog in 2020 plaatsvindt.

Productgroep Bereikbaarheid

Het nadeel wordt geheel veroorzaakt door de jaarlijks extra toenemende storting voor vervanging wegen met € 30.000,-- per jaar vanaf 2020 en met € 35.000,-- per jaar in 2022.

Productgroep Bestuursorganen

De mutaties binnen deze productgroep hebben voornamelijk betrekking op het aantal verwachte verkiezingen tot en met 2023.

Productgroep Maatschappelijke registratie

De mutaties hebben betrekking op de  verlenging van de geldigheidsperiode van reisdocumenten van 5 jaar 10 jaar (vanaf maart 2014) waardoor minder reisdocumenten worden verstrekt.

Productgroep Algemene dekkingsmiddelen

Mutaties in algemene uitkering (inclusief deelfonds Sociaal domein) uit het gemeentefonds:

Jaar Bedrag
2021 4.768,--
2022 288.261,--
2023 183.500,--

 Mutaties in kapitaal- en exploitatielasten meerjarig-investeringsprogramma 2020-2023:

Jaar Bedrag
2021 36.347,--
2022 12.619,--
2023 11.658,--

Mutaties in stelposten:

Jaar Bedrag
2021 136.130,--
2022 139.540,--
2023 1.150,--

Productgroep Overheadkosten

De mutaties binnen deze productgroep worden mede veroorzaakt door de bijdrage aan de Samenwerking Kempengemeenten conform de begroting SK (uitvoeringskosten MD/VTH/SSC/P&O) meerjarig als volgt wijzigen:

Jaar Bedrag
2021 102.662,--
2022 26.798,--
2023 7.430,--

 Hierbij wordt het verschil mede veroorzaakt doordat de beschikking over algemene vrij besteedbare reserve ten behoeve van incidentele kosten SK meerjarig als volgt wijzigen:

Jaar Bedrag
2021 111.964,--
2022 10.810,--

 Tevens worden de mutaties binnen deze productgroep veroorzaakt doordat de bijdrage aan Kempenplus meerjarig als volgt wijzigt:

Jaar Bedrag
2021 101.011,--
2022 104.992,--
2023 211.029,--

 Mede wordt het verschil veroorzaakt doordat de beschikking over de bestemmingsreserve Participatiebedrijf Kempenplus meerjarig als volgt wijzigt:

Jaar Bedrag
2021 21.320,--
2022 7.429,--
2023 176.461,--