Veel gestelde vragen: algemeen

Veel gestelde vragen algemeen

1. Waarom hebben we duurzame energieproductie nodig? 
Het klimaat verandert als gevolg van de toename van CO2 (kooldioxide) in de atmosfeer. CO2 komt vrij bij verbranding van fossiele brandstoffen (aardolie, gas, kolen). De voorraad daarvan raakt op. Om deze twee redenen is internationaal een klimaatverdrag afgesproken om uitstoot van CO2 te verminderen. In Europa is afgesproken dat Nederland in 2020 minimaal 14% van zijn energie duurzaam produceert. Daarvoor moeten we veel meer duurzame energie opwekken.

Naast zonne-energie, bio-energie, riothermie en geothermie is het nodig dat er ook windturbines worden gerealiseerd. Samen met maatschappelijke organisaties heeft het kabinet het Energieakkoord gesloten om vaart te maken met de opwekking van duurzame energie. De lidstaten, Nederland dus ook,  krijgen een boete als ze in 2020 nog niet klaar zijn. Het verduurzamen van de energieproductie maakt ons minder afhankelijk van andere landen en vermindert tevens het verbruik van milieuvervuilende en steeds schaarser en duurder wordende fossiele brandstoffen.

2. Hoe veel duurzame energie moet worden opgewekt in de Kempen? 
Om als Kempengemeenten energieneutraal te zijn moet in totaal 6,67 PJ duurzaam worden opgewekt. Hierbij is rekening gehouden met het realiseren van besparing van 20% op de energiebehoefte. Deze energiebehoefte heeft zowel betrekking op de huishoudens, de industrie en overige energiegebruikers in de Kempen.

Om 6,67 PJ aan energie op te wekken zijn of 186 windturbines nodig of 2.250 ha aan zonnevelden. Het is niet realistisch dat de benodigde energie door één type maatregel wordt geproduceerd. Een combinatie van windturbines, zonneparken én andere duurzame energievoorzieningen is noodzakelijk.

3. Waarom worden beleidskaders voor grootschalig wind- en zonneparken opgesteld?
Om de negatieve gevolgen van de klimaatveranderingen een halt toe te roepen is wereldwijd afgesproken het gebruik van fossiele brandstoffen terug te dringen. De Nederlandse overheid wijst ook gemeenten op het nemen van hun verantwoordelijkheid. De Kempengemeenten werken hierin samen en stellen in de ‘Klimaat-visie Kempengemeenten’ het doel om gezamenlijk energieneutraal te worden. Om dit te behalen is het nodig om naast energiebesparing en zonnepanelen op daken, ook grootschalig duurzame energie op te wekken. De Kempengemeenten stellen gezamenlijk beleid vast voor grootschalige zonne- en windparken omdat deze vormen van energieopwekking de meeste impact hebben op de omgeving. Zo behouden de gemeenten regie over waar en in welke vorm en omvang windparken en zonnevelden ontwikkeld mogen worden.

4. Hoe worden deze beleidskaders voorbereid? 
In maart 2018 is een startnotitie grootschalige wind- en zonne-energie besproken in de vijf colleges van burgemeester en wethouders. Daarna is een samenwerkingsovereenkomst getekend met de provincie en werken de Kempengemeenten daarnaast samen met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) en Enexis om het proces zorgvuldig voor te bereiden.

Door een onafhankelijk adviesbureau is in de zomer van 2018 een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd om de beste kansen voor ontwikkeling van wind- en zonneparken in beeld te brengen. Vervolgens hebben de vijf gemeenteraden besloten om in 2019 te starten met een onderzoek naar de effecten op het milieu door middel van een planMER (Plan-Milieu Effect Rapportage.

Vanaf 2019 krijgen alle belanghebbende partijen en inwoners de mogelijkheid om hun reactie te geven op het proces en de inhoud van de onderzoeken. Nadat alle informatie goed in beeld is gebracht, wordt aan de gemeenteraden gevraagd een standpunt in te nemen over de locaties die tot ontwikkeling mogen komen. Dit zijn de zogenaamde beleids- en toetsingskaders. Dit besluit staat in het najaar van 2019 gepland. Zorgvuldigheid is echter belangrijker dan snelheid van het proces.

5. Hoe worden locaties aangewezen die geschikt zijn voor wind- en zonne-energie?
Een onafhankelijk adviesbureau heeft onderzocht welke locaties in de Kempen geschikt zijn voor het plaatsen van windturbines en zonneparken. In dit onderzoek is rekening gehouden met wet- en regelgeving, met landschappelijke kwaliteiten, met draagvlak en met regionale ontwikkelingen in het landelijk gebied.

De uitkomsten van dit onderzoek geven op kaarten inzicht in potentiële ontwikkellocaties.

Niet alle potentiële locaties uit het haalbaarheidsonderzoek komen daadwerkelijk tot ontwikkeling. Eerst wordt een milieueffectrapportage opgesteld om inzichtelijk te maken wat de milieueffecten zijn op de omgeving. Op grond van dit onderzoek kan het aantal potentiële ontwikkellocaties nog wijzigen.

6. Wanneer worden de windturbines en zonne-parken gebouwd? 
Pas nadat de beleids- en toetsingskaders zijn vastgesteld mogen locaties tot ontwikkeling komen. Dat betekent dat eind 2019/begin 2020 gestart kan worden met de vergunningverlening.

Het gehele ontwikkeltraject bestaat uit een aantal processtappen. Voor wind geldt dat het traject begint met het uitvoeren van een project-milieueffectenrapportage. Op basis daarvan en in combinatie met de gebiedskenmerken kan worden bepaald wat het aantal en hoogte van de windturbines wordt en wat de impact is op de omgeving. 

Om de windturbines of het zonnepark te kunnen bouwen moet (over het algemeen) het bestemmingsplan worden gewijzigd en een omgevingsvergunning worden verleend. Dat gebeurt zorgvuldig en u kunt uw mening geven over de voorgenomen besluiten. Daarnaast krijgt u gedurende de procedure de gelegenheid voor inspraak en om bezwaar en beroep in te dienen.

7. Komen tijdens de periode van beleidsvorming initiatieven tot ontwikkeling?
Kempenbreed is afgesproken dat verzoeken tot het starten van nieuwe initiatieven voor productie van wind- en zonne-energie niet in behandeling worden genomen. Op die manier wordt voorkomen dat belemmeringen ontstaan voor nieuwe initiatieven doordat enkele ontwikkelingen niet op de beste plekken tot realisatie komen. Grootschalige ontwikkelingen op de ene locatie kunnen namelijk een ontwikkeling op een andere locatie belemmeren.

Door regie te houden op het proces wordt versnippering in het landschap voorkomen, kunnen de meest geschikte locaties tot ontwikkeling komen en is het mogelijk om een zorgvuldige afweging te maken op basis van beleids- en toetsingskaders die in de gehele Kempen gelijk zijn.

Er geldt een uitzondering voor twee projecten die wel eerder ontwikkeld worden. In de gemeente Reusel-De Mierden heeft een groep inwoners het initiatief genomen om een windpark te realiseren in de omgeving van de Postelsedijk (VHTAC; Vereniging High Tech Agro Campus) en in de gemeente Bladel heeft een ontwikkelaar het plan in voorbereiding voor de bouw van een windpark in de omgeving van De Pals.

Deze twee initiatieven waren reeds in voorbereiding voordat de afspraken over de Kempenbrede samenwerking voor wind- en zonne-energie zijn gemaakt.

8. Is er een kans dat een project niet doorgaat?
Ja dat kan. Gedurende het ontwikkeltraject kunnen er onvoorziene omstandigheden naar boven komen die ertoe leiden dat een project niet haalbaar is. Dit kan te maken hebben met belemmeringen uit de omgeving (ruimtelijk, milieu, impact, onoverbrugbare belemmeringen ed.), financiële belemmeringen (bv geen SDE+) of procedurele onoverbrugbare belemmeringen.

9. Wie zijn initiatiefnemers?
Initiatiefnemers zijn personen of organisaties die het initiatief nemen tot de bouw van een grootschalig wind- of zonnepark. Zij kunnen bestaan uit ontwikkelaars, (energie- of burger)coöperaties, bedrijven/instellingen/agrarische ondernemers en grondeigenaren. Het kunnen ook andere samenwerkingsvormen zijn.

10. Zijn er veel initiatieven voor wind- en zonneparken in de Kempen?
Jazeker, er zijn tientallen initiatieven bekend verspreid over de vijf Kempengemeenten.

De Kempengemeenten stellen gezamenlijk beleid vast voor grootschalige zonne- en windparken omdat deze vormen van energieopwekking de meeste impact hebben op de omgeving. Tot aan de vaststelling van het beleid (verwacht eind 2019) wordt echter geen medewerking verleend aan de realisatie van nieuwe, nog niet vergunde, grootschalige zonne- en windparken.  Zo behouden de gemeenten regie over waar en in welke vorm en omvang windparken en zonnevelden ontwikkeld mogen worden.

11. Kunnen wij als burgers meedoen?
Ja, absoluut, dat is zelfs de bedoeling. We vinden het belangrijk om met omwonenden in gesprek te gaan over hoe u het beste betrokken kan worden bij de vervolgstappen van de ontwikkeling van windenergie. Dat gaat over hoe u geïnformeerd wil worden maar ook hoe de omgeving kan meeprofiteren van een windpark. In de uitgangspunten die de gemeenten hebben opgesteld in de startnotitie is zelfs opgenomen dat wind- en zonneparken bij voorkeur in coöperatief verband moeten plaatsvinden en dat opbrengsten zoveel mogelijk terugvloeien in de lokale gemeenschappen. Voor meer informatie over participeren bekijk de pagina: meedoen.

12. Moeten bestaande functies wijken voor projecten voor wind- en zonne-energie?
Om medewerking te kunnen verlenen moet het bestemmingsplan gewijzigd worden of een omgevingsvergunning verleend worden die afwijkt van het bestemmingsplan. Hiervoor worden de wettelijke procedures gevolgd.

13. Worden woningen en/of grond aangekocht om windturbines of een zonnepark te realiseren?
Deze mogelijkheid wordt niet uitgesloten om de beste locaties te kunnen ontwikkelen. Het aankopen van woningen en/of gronden is echter een zorgvuldig proces, waarbij de partij die een locatie ontwikkelt met de eigenaren overleg wordt opstart om te onderzoeken of overdracht haalbaar is.

14. Wordt mijn woning minder waard als er een windpark of zonnepark dichtbij wordt gerealiseerd?
Als voor omwonenden of omliggende bedrijven is onderzocht en vastgesteld dat ze schade hebben aan hun eigendommen (bijvoorbeeld waardedaling van hun woning of pand) dan wordt dat vergoed. Dat heet planschade.

Planschade is de financiële schade die u lijdt doordat u in een planologisch nadeliger positie bent gekomen.  

U kunt een verzoek om vergoeding van planschade schriftelijk indienen bij de gemeente. Hiervoor kunt u een aanvraagformulier ophalen bij de gemeente. Als aanvrager van het verzoek om planschadevergoeding moet er rekening mee houden dat u leges betalen. U krijgt dit bedrag terug als het verzoek om vergoeding van planschade geheel of gedeeltelijk wordt toegewezen.

15. Kan grootschalig opgewekte stroom direct worden geleverd op het bestaande elektriciteitsnetwerk?
Het bestaande elektriciteitsnetwerk is ontworpen om stroom te transporteren vanuit de huidige energiecentrales naar de eindverbruikers. Het hoogspanningsleidingnet vertakt naar steeds kleinere transportverbindingen.
De ontwikkeling van duurzame energieproductie leidt ertoe dat het bestaande netwerk moet worden aangepast om de geproduceerde elektriciteit op locatie te kunnen leveren op dat netwerk. Deze stroom moet vervolgens via het netwerk herverdeeld worden.
Op de bestaande hoogspannings- en middenspanningsstations is beperkt capaciteit beschikbaar om nieuwe grootschalige initiatieven voor zonne- en windenergie aan te kunnen sluiten. Daarom werkt Tennet samen met de netbeheerders (o.a. Enexis) en andere partners om de bestaande infrastructuur hiervoor aan te passen.

16. Wie betaalt de kosten voor de aanpassing van het elektriciteitsnetwerk?
De initiatiefnemer betaalt mee aan de aansluiting van een park op het landelijke elektriciteitsnetwerk. De algehele aanpassing van het elektriciteitsnetwerk wordt collectief betaald via de netbeheerder.

17. Wie betaalt alle de ontwikkeling van zonne- en windparken?
Initiatiefnemers zijn zelf verantwoordelijk voor het vormen van een rendabele business case voor een zonne- of windpark. In Nederland is het vormen van een business case mogelijk door gebruik te maken van SDE-subsidie. Initiatiefnemers kunnen de benodigde investeringen doen door bijvoorbeeld eigen vermogen te investeren, investeerders te zoeken, een lening bij een bank af te sluiten, aandelen of obligaties uit te geven, etc. etc.

18. Wordt onze energierekening hoger door de landelijke ontwikkeling van zonne- en windparken ?
Op korte termijn is dat mogelijk. De verwachting is echter dat in de toekomst fossiele brandstoffen steeds schaarster en daarmee duurder worden. Daarmee stijgt ook de energierekening indien er gebruikt wordt gemaakt van fossiele brandstoffen of grijze stroom.
Zonne- en windenergie biedt de mogelijkheid om minder afhankelijk te worden van wereldwijde brandstofprijzen. De wind waait, en de zon schijnt, ten slotte gratis.

19. Is een zonne- of windpark nog rendabel als in de toekomst de SDE-subsidie wegvalt?
De SDE-subsidie voor zonne- en windparken is een prijsgarantie die 15 jaar vast staat. Dat wil zeggen dat het verschil in prijs tussen grijze en groene stroom wordt vergoed. De business case is gebaseerd op de 15 jaar prijsgarantie. Mocht de SDE-subsidie ooit stoppen dan heeft dat geen effect op bestaande zonne- en windparken. Voor de ontwikkeling van nieuw te ontwikkelen zonne- en windparken kan het afschaffen van de SDE-subsidie wel gevolgen hebben. Vooralsnog is er geen sprake van het afschaffen van de SDE-subsidie. Wel wordt de SDE-subsidie steeds lager omdat het prijsverschil tussen grijze en groene stroom steeds kleiner wordt. 

20. Hoe hoog is de compensatie voor aantasting van het uitzicht en de beleving van de overlast?
Dat is nog niet duidelijk.

21. Hoe hoog is de grondvergoeding voor een zonne- of windpark.
Dat is nog niet duidelijk.

22. Kan een overschot aan duurzame energie opgeslagen worden?
Zonne- en windenergie opwekken is afhankelijk van de hoeveelheid zon en wind. Daarom zou het goed zijn om energie op te slaan wanneer het bijvoorbeeld hard waait of de zon veel schijnt, zodat we die op andere tijdstippen kunnen gebruiken. Momenteel is het nog niet mogelijk om goedkoop grote hoeveelheden duurzame energie op te slaan. Wereldwijd wordt veel onderzoek gedaan naar nieuwe en rendabele manieren van opslag. De Kempengemeenten volgen deze ontwikkelingen zodat deze toegepast kunnen worden wanneer deze rendabel zijn.

23. Kan een boer stoppen met zijn boerenbedrijf en energieproducent worden?
Wanneer een boer zijn agrarische activiteiten stopt, gelden fiscale voorwaarden en afdrachten. Vooraf moet in beeld gebracht worden of het omzetten naar een energieproductiebedrijf rendabel is na afrekening met de belastingdienst. Daarnaast moet het technisch en wettelijk mogelijk zijn om energieproducent te worden. Dit is per locatie verschillend.

24. Waarom bestaat de noodzaak om alle energie die nodig is in het gebied, lokaal opgewekt moet worden?
Het is een eigen verantwoordelijkheid om te voorziening in de energiebehoefte, daarnaast blijft de regio door eigen energieproductie onafhankelijk van ontwikkelingen in het buitenland.

25. Hoe blijven omwonenden op de hoogte van mogelijk nieuwe zonne- en windparken?
In het beleid grootschalige zonne- en windenergie de Kempen wordt opgenomen hoe omwonenden op de hoogte worden gehouden.

Tot aan de vaststelling van het beleid (verwacht eind 2019) wordt geen medewerking verleend aan de realisatie van nieuwe, nog niet vergunde, grootschalige zonne- en windparken.  Op de gemeentelijke websites en www.zonenwindindeKempen.nl kunt u de meest actuele informatie vinden.

26. Wat is de Regionale Energiestrategie?
In december 2018 is de Klimaatwet met een grote meerderheid in de Tweede Kamer aangenomen. Op basis van de Klimaatwet moet in 2050 de CO2 uitstoot met 95% gereduceerd zijn en is het streven om in 2030 de uitstoot van CO2 met 49% te reduceren. In het Klimaatakkoord wordt invulling gegeven aan de nationale doelen en afspraken. Hiervoor is regionaal maatwerk nodig. Onderdeel van het Klimaatakkoord is de afspraak dat elke regio in Nederland een Regionale Energiestrategie (RES) opstelt: de regio’s zijn aan zet.

In de RES maken wij afspraken hoe we als gemeenten toewerken naar 49% CO2-besparing in 2030. Dit doen wij binnen een nationaal kader, met een doorkijk naar 2050. Het Rijk legt nu aan de voorkant nog geen opgave per regio op: verwacht wordt namelijk dat elke regio zelf met een aanbod komt vanuit de technische, ruimtelijke en sociale potentie.

De Kempengemeenten stellen een RES op met de 21 regiogemeenten uit de Metropoolregio Eindhoven. De Kempen lopen voorop als het gaat om grootschalige zonne- en windenergie. Deze opgedane kennis wordt actief gedeeld met de andere regiogemeenten. De uitkomsten van de onderzoeken en besluiten in de Kempengemeenten vormen een bouwsteen voor de RES. Andere regiogemeenten doen onderzoek naar energiebesparing in, en warmte opwek voor, woningen, bedrijven en andere gebouwen (de gebouwde omgeving).